Gelopen op vrijdag 4 september 2026 met Wietske
Twee halve zolen gaan op pad, en niet eens over het halve zolenlijntje in Brabant Maar de Camino Brabant weer op. Eind juli eindigden we in Breda bij de Grote Kerk, die nét gesloten was. Dus vandaag startten we bij deze kerk voor onze eerste stempel. De kerk is vandaag afgehuurd voor een grootse bruiloft en men is er druk mee, maar de stempel wordt vriendelijk gegeven. Dus mag er koffie worden gescoord. Stempel 2 is op het Begijnhof waar we met het Hertogenpad ook waren. We zijn even nieuwsgierig naar de vioolmuziek in de Waalse kerk ernaast, maar daarna gaat de etappe toch echt beginnen.
Langs Het Scheepshuys, een hotel uit 1925, en langs het grote terrein van de voormalige Héro-fabrieken.Wietske kan er van alles over vertellen. Ook over de volgende dorpen waar we langs komen, zoals Dongen en Vaart. Voor mij is veel nieuw, leuk! Aan de rand van Breda is een evenementje waar we in bel;anden. We doen navraag bij twee jongemannen in militair tenue. Vandaag is de afsluiting van de introductieweek voor de militaire studenten en ze worden opgehaalde door alle papsen en mamsen. Maar eerst moet heel de kolonne nog een paar keer op en neer hollen vanuit het bos, aar wij ook net in gaan. Kamp van Koningsburgge taferelen...
Een volgende stempel ligt bij een woonhuis. De eigenaar heeft een Mariabeeld geplaatst in zijn muur en komt ook naar buiten om ons hem te wijzen. Hij vertelt dat er elke dag wel mensen de Camino Brabant lopen. Niet veel later zijn we bij de Vredeskapel in Dorst, waar alweer een stempel op ons wacht. De vrijwilliger is er net druk met het vervangen van kaarsjes en vuilnisbak.
Het miezeren zet door en ik besluit toch mijn regenponchootje aan te trekken. Nou is dat altijd makkelijker gezegd dan gedaan als er wind staat. We staan aan de rand van een bos te hannesen, Wietske helpt mee dat de capuchon vindt als er opeens een keiharde knal klinkt. Onweer! denkt Wietske. Een schot! denkt Cécile. Maar het is geen van beide. Op 10 meter van ons vandaan breekt een enorme tak van een boom. Ik zie hem nog net op de grond stuiteren. Bibberend van de schrik en met mijn hoofd nu uit de plastic capuchon kijken we elkaar aan. Dit scheelde een haartje. En we hebben het nog niet gezegd of een dunne lange boom er pal naast valt om. Met minder geraas, maar niet minder snel. De wind staat gunstig, hij valt de andere kant op. Waar ik eerst het tempo een beetje inhield op deze lange toch, trekken we nu zowat een sprintje. Weg hier. Wat droogte doet met de natuur, afschuwelijk. We zijn dus blij met elke druppel die de komende uren blijft vallen. Nou ja, als het weer droog is, is dat toch ook wel fijn. Dan kan dat broeierige plastic ding uit.
Een volgende stempel is een triest verhaal. De paal met stempel is er nog wel, maar de kapel in de boom is weg. Ook deze boom is omgewaaid. Het barst van de horeca op deze route, op elke hoek van de rotonde zit wel een eetcafé. Maar pas op 20 km maken we er weer gebruik van. We zijn bij 't Trefpunt de enige gasten, en moeten moeite doen om te betalen. De laatste kilometers zijn de karakterkilometers. De torens van Kaatsheuvel komen in zicht. Nee, niet die van de Efteling, maar van twee kerken. Vlak daarvoor nemen we de bus op de Bernsedijkweg. Volgende keer pakken we hier de route op en gelijk de eerste stempel te scoren. Voor vandaag zijn acht (!) stempels genoeg.














